aalt

Uit WikiWoordenboek

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aalt
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord aalt aalten
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

aalt m/(v) [2]

  1. (veeteelt) vocht afkomstig van dierlijke ontlasting
    • Een opslagtank voor aalt . 
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

44 % van de Nederlanders;
42 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen