Ostermontag

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Duits

Uitspraak
Woordafbreking
  • Os·ter·mon·tag

Zelfstandig naamwoord

Ostermontag m

  1. (religie): paasmaandag, tweede paasdag
Verbuiging
Hyperoniemen
Verwante begrippen