Anglo-Normandisch

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

ISO 639-3
xno
volledig
und:ine:itc:roa:xno
bestand
Uitspraak
Woordafbreking
  • An·glo-·Nor·man·disch
enkelvoud meervoud
naamwoord Anglo-Normandisch -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

Anglo-Normandisch o

  1. (taal) een taalvariëteit van de Normandische taal die werd gebruikt in Engeland en, in mindere mate, elders in de Britse eilanden tijdens de Anglo-Normandische periode
Hyperoniemen
Vertalingen
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen Anglo-Normandisch Anglo-Normandischer
verbogen Anglo-Normandische Anglo-Normandischere

Bijvoeglijk naamwoord

Anglo-Normandisch

  1. (demoniem) als van, in of betrekking hebbend of het Anglo-Normandisch