temperatuur

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
  • IPA: /ˈtɛmpɛrɑtyːr/
Woordafbreking
  • tem·pe·ra·tuur
enkelvoud meervoud
naamwoord temperatuur temperaturen
verkleinwoord temperatuurtje temperatuurtjes

Zelfstandig naamwoord

temperatuur v

  1. grootheid die de warmte aangeeft.
    Met een thermometer kan men de temperatuur meten.
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen