roes

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • roes
enkelvoud meervoud
naamwoord roes roezen
verkleinwoord roesje roesjes

Zelfstandig naamwoord

roes m

  1. een lichte bedwelming door sterke drank, drugs, opwinding, enzovoort
    Hij was helemaal in een roes door de overwinning.

Zelfstandig naamwoord

roes mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord roe


Afrikaans

enkelvoud meervoud
naamwoord roes -

Zelfstandig naamwoord

roes

  1. roest, geoxideerd ijzer
  2. (schimmels) Urediniomycetes Wikispecies-logo-en.png roest
stamtijd
infinitief voltooid
deelwoord
roes
geroes
volledig

Werkwoord

roes

  1. roesten
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen