lust
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Woordafbreking
- lust
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | lust | lusten |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
- seksueel verlangen
- Hij gaf toe aan zijn dierlijke lusten.
- behoefte of verlangen iets te doen
- Na die vermoeiende dag had hij geen enkele lust meer om dat te doen.
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| lusten |
lust