putting

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Putting

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • put·ting
enkelvoud meervoud
naamwoord putting puttings
verkleinwoord puttinkje puttinkjes

Zelfstandig naamwoord

putting v

  1. (scheepvaart) een stevig aan dek of boord verankerd oog waaraan het want of een stag want wordt bevestigd
    Met een wantspanner tussen stag en putting kan men de spanning instellen.
Synoniemen
Hyperoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen