orgaan

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • or·gaan
enkelvoud meervoud
naamwoord orgaan organen
verkleinwoord orgaantje orgaantjes

Zelfstandig naamwoord

Orgaan o

  1. Onderdeel van het organisme, samengesteld uit weefsels die één of meerdere specifieke functies uitoefenen, en een macroscopisch of microscopisch afzonderlijk geheel vormt.
  2. Instelling, persoon, publicatie van een organisatie gebruikt als communicatiemiddel.
  3. Onderdeel van een organisatie of instelling.
Afgeleide begrippen
Hyperoniemen
Hyponiemen
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen