bidden
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- bid·den
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| bidden |
bad |
gebeden |
| klasse 5 | volledig | |
Werkwoord
bidden, niet-wederkerend (niet-reflexief) werkwoord
- (inergatief) in gebed zijn, een godheid iets vragen
- (inergatief) dringend iets vragen, smeken
- (onovergankelijk) (van vogels) klapwiekend stilhangen in de lucht
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. in gebed zijn