zonnetent

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

zonnetent
Uitspraak
Woordafbreking
  • zon·ne·tent
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zonnetent zonnetenten
verkleinwoord zonnetentje zonnetentjes

Zelfstandig naamwoord

zonnetent v/m [1]

  1. stoffen overkapping die beschermt tegen de zonnestralen
    • De caravan vormt een verschijnsel dat zo sluipend het leven van alledag is binnengegaan, dat het nauwelijks onderwerp van geschiedschrijving is geworden. In het boek Caravannen door de tijd heeft 'caravanredacteur' bij de ANWB, Henk Kroon, daar wat aan gedaan. Niet al te uitputtend, want het gaat om de geschiedenis van een aantal bekende Europese merken tussen 1920 en 1970. Die beperking is ook logisch, want waar zou je moeten beginnen en hoe ver ga je de breedte en de diepte in? Cleopatra bijvoorbeeld liet zich al op vogeljacht rijden in een wagen met zonnetent, de Tataren gebruikten tentwagens, getrokken door vierentwintig ossen, die op de plaats van bestemming werden uitgebouwd tot een legerkamp. [2] 
    • Het in het diagram aangegeven schip had een smalle, centrale loopgang. Over de beugels boven de roeiers konden zonnetenten worden gelegd, zoals ook zonnezeilen schematisch zijn aangegeven boven de roeiers in de Phoenicische oorlogsschepen. [3] 
    • Balkenende zelf sprak een liefdesverklaring uit: “Nederland houdt van Australië. Ik houd van Australië.“ Genodigden luisterden onder een zonnetent op de steiger. [4] 
Synoniemen


Vertalingen

Gangbaarheid

81 % van de Nederlanders;
92 % van de Vlamingen.


Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. NRC Bram Pols 27 mei 1995 Iedereen een sleurhut
  3. NRC A. Wegener Sleeswyk 21 december 1995 Geroeide oorlogsschepen
  4. NRC Frank Vermeulen 7 april 2006 Via snert en breedband naar vrede