zoetstof

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zoet·stof
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zoetstof zoetstoffen
verkleinwoord zoetstofje zoetstofjes

Zelfstandig naamwoord

zoetstof v/m

  1. (scheikunde), (voeding) een stof die een zoete smaak veroorzaakt
    • Het verlangen om slank te blijven heeft zoetstoffen erg populair gemaakt. 
  2. als hierboven maar geen suiker bevat, het zoetje
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be