zendingswerk

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zen·dings·werk
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zendingswerk zendingswerken
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

zendingswerk o [1]

  1. (religie) het werk dat een protestantse zendeling doet in het buitenland om het geloof te verspreiden: onderwijs geven, medische verzorging en evangelisatie
    • Draagt elkaars lasten houdt verkoopavond voor zendingswerk: De Enterse vrouwenvereniging 'Draagt elkaars lasten' van de gereformeerde gemeente Enter houdt donderdag weer de jaarlijkse verkoopavond. [2] 
    • In 2002 begonnen de Noorse Broeders (officieel: Christelijke Gemeenschap Nederland) DWN Service, zodat gelovigen zich in hun vrije tijd collectief kunnen verhuren aan grote bedrijven. De gelovigen worden niet betaald voor hun werk; alle opbrengsten gaan naar gebouwen en projecten van de Noorse broeders, zoals kerken, congrescentra en zendingswerk. [3] 
Verwante begrippen


Gangbaarheid


Verwijzingen