zeearend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zee·arend
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zeearend zeearenden
verkleinwoord zeearendje zeearendjes

Zelfstandig naamwoord

zeearend m

  1. (vogels) Haliaeetus albicilla grootste Europese arend, een roofvogel die in kustgebieden leeft
    • De zeearend heeft zich in de laatste jaren weer als broedvogel in Nederland gevestigd. 
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie