weldaad

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wel·daad
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord weldaad weldaden
verkleinwoord weldaadje weldaadjes

Zelfstandig naamwoord

weldaad v/m

  1. een goede daad voor iemand doen
  2. iets dat bijzonder aangenaam of nuttig is
     Een strakblauwe hemel domineert in het blikveld, het is alsof de sparren respectvol uit zicht blijven. De weldaad van een kale vlakte volgt.[2]
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. weldaad op website: Etymologiebank.nl
  2. Bronlink Weblink bron Rob Gollin “De helling van de mooie meisjes knijpt de renner de keel dicht” (10 juli 2019), de Volkskrant
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be