waarop

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • waar·op
Woordherkomst en -opbouw
  vnw. bijw.
  voorzetselbijwoord     op  
 persoonlijk     erop  
aanwijz.   nabij     hierop  
  veraf     daarop  
  vragend/betrekk.     waarop  

Voornaamwoordelijk bijwoord

(scheidbaar)
waarop

  1. vragend op wat?, op welk?
    • waarop staat die vaas met bloemen? 
    • waarop slaat dat nu? 
  2. betrekkelijk op wat, op hetwelk
    • Dit is de tafel waarop de vaas staat. 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.