Naar inhoud springen

daarop

Uit WikiWoordenboek
  • daar·op
  vnw. bijw.
  voorzetselbijwoord     op  
 persoonlijk     erop  
aanwijz.  nabij     hierop  
  veraf     daarop  
  vragend/betrekk.     waarop  

(scheidbaar)
daarop

  1. op dat, op die
    • Daarop zet je een vaas met bloemen. 
    • Zie je de lijst? Daarop kun je je naam schrijven. 
     Er hingen ook een herdenkingstegeltje van de ramp met daarop het overstroomde eiland Goeree-Overflakkee en het Delfts blauwe bevrijdingsbord Herrijzend Nederland van na de oorlog.[1]

daarop

  1. op een tijdstip vlak na het genoemde
    • Na een paar replieken werd het debat gesloten. Daarop kwam 't hoofdpunt ter sprake. 
99 %van de Nederlanders;
98 %van de Vlamingen.[2]
  1. Teuntje de Haan
    “Een muur van water” (2018), Em. Querido's Uitgeverij op Wikipedia, ISBN 9789021409375
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be