vissersboot

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vis·sers·boot
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord vissersboot vissersboten
verkleinwoord vissersbootje vissersbootjes

Zelfstandig naamwoord

vissersboot v/m

  1. (scheepvaart) een voor de visvangst ingerichte boot
Synoniemen
Vertalingen