vierendelen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
St. Hypolytus gevierendeeld.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vie·ren·de·len
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
vierendelen
vierendeelde
gevierendeeld
zwak -d volledig

Werkwoord

vierendelen

  1. overgankelijk (middeleeuwen) iemand ter dood brengen door het lichaam in vier stukken uiteen te rijten, gewoonlijk tussen vier paarden ingespannen
    • De verraders werden ofwel gespietst ofwel gevierendeeld. 
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

vierendelen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord vierendeel

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie