verzoek

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·zoek
enkelvoud meervoud
naamwoord verzoek verzoeken
verkleinwoord verzoekje verzoekjes

Zelfstandig naamwoord

verzoek o

  1. vraag om iets te doen of te laten
    • De shariageleerde zei zelfs veel verzoeken te krijgen van Westerse vrouwen die overspel hebben gepleegd om naar een islamitisch land te gaan en te worden gestenigd. [1] 
  2. verzoekschrift
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
verzoeken

verzoek

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verzoeken
    • Ik verzoek. 
  2. gebiedende wijs van verzoeken
    • Verzoek! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verzoeken
    • Verzoek je? 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. www.nu.nl
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be


Nedersaksisch

Zelfstandig naamwoord

verzoek

  1. verzoek


Veluws

Zelfstandig naamwoord

verzoek

  1. verzoek