verstrijken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·strij·ken
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verstrijken
verstreek
verstreken
klasse 1 volledig

Werkwoord

verstrijken

  1. (ergatief) het verlopen van een tijdslimiet
    Het ultimatum verstreek zonder dat er iets gebeurde.
Vertalingen