Naar inhoud springen

vague

Uit WikiWoordenboek
stellend vergrotend overtreffend
vaguevaguervaguest

vague

  1. onduidelijk, onscherp, vaag
  2. onzeker
  3. gering
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  vague     la vague     vagues     les vagues  

vague v

  1. golf (ook fig.)
  2. stroming
  3. (spreektaal) gedoe, heisa, opschudding [1]
  enkelvoud meervoud
  mannelijk  /
  vrouwelijk  
vague vagues

vague

  1. onduidelijk, onscherp, vaag
vervoeging van
vagar

vague

  1. aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van vagar
  2. aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van vagar
  3. gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van vagar