uitkiezen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • uit·kie·zen
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
uitkiezen
koos uit
uitgekozen
klasse 2 volledig

Werkwoord

uitkiezen

  1. overgankelijk uit een aantal mogelijkheden één of meer selecteren
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.