turbine

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tur·bi·ne
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘schoepenrad’ voor het eerst aangetroffen in 1838 [1] [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord turbine turbines
verkleinwoord turbinetje turbinetjes

Zelfstandig naamwoord

turbine v

  1. een schoepenrad als energieopwekker
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

Deens

Zelfstandig naamwoord

turbine

  1. turbine v ; een schoepenrad als energie opwekker

Duits

Zelfstandig naamwoord

turbine

  1. turbine v ; een schoepenrad als energie opwekker

Frans

Zelfstandig naamwoord

turbine

  1. turbine v ; een schoepenrad als energie opwekker