sul

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sul
enkelvoud meervoud
naamwoord sul sullen
verkleinwoord sulletje sulletjes

Zelfstandig naamwoord

sul m

  1. een wat dommig, traag persoon
    • Wat een sul is dat toch. 

Niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie als werkwoord.

Werkwoord

vervoeging van
sullen

sul

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van sullen
    • Ik sul. 
  2. gebiedende wijs van sullen
    • Sul! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van sullen
    • Sul je? 

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie