dissel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
dissel als tweespan

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dis·sel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dissel dissels
verkleinwoord disseltje disseltjes

Zelfstandig naamwoord

dissel m

  1. een houten of metalen stang voor een voertuig aan weerszijden waarvan trekdieren ingespannen kunnen worden
    • Aan de dissel werden twee trekpaarden vastgemaakt. 
  2. een stang of buis waarmee een aanhangwagen aan een auto of vrachtwagen bevestigd kan worden
    • Als de aanhangwagen slechts één as heeft is de dissel vast bevestigd aan de aanhanger. 
  3. een houtbewerkingsgereedschap om b.v. een waterbak uit te hakken uit een boomstam (drinkbak in de alpen)
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

80 % van de Nederlanders
73 % van de Vlamingen.

Meer informatie

  • Zie de doorverwijspagina op Wikipedia voor meer informatie.

Verwijzingen