sluw

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sluw
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen sluw sluwer sluwst
verbogen sluwe sluwere sluwste
partitief sluws sluwers -

Bijvoeglijk naamwoord

sluw

  1. op een doortrapte wijze slim
    • Hij maakte met zijn sluwe streken veel vijanden. 
    • (…) hoe zij sluw genoeg waren (…) [3]
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandse taal
  3. Wiselius, S.I. Tafereel van de staatkundige verlichting der Nederlanderen, naar aanleiding van 'slands geschiedenissen. (1793); p. 87; (vroege vindplaats) geraadpleegd 2016-09-24