ruggenmerg

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rug·gen·merg
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord ruggenmerg -
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

ruggenmerg o

  1. (anatomie) het gedeelte van het centrale zenuwstelsel dat zich in het ruggenmergskanaal bevindt
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

93 % van de Nederlanders;
93 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be