roerganger
Uiterlijk

(in Voyage en Italie, en Sicile et à Malte, 1778)

- Geluid: roerganger (hulp, bestand)
- IPA: / ˈrurɣɑŋər / (3 lettergrepen)
- roer·gan·ger
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | roerganger | roergangers |
| verkleinwoord | roergangertje | roergangertjes |
de roerganger m
- (scheepvaart) degene die aan het roer staat
- Het woord roerganger staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "roerganger" herkend door:
| 88 % | van de Nederlanders; |
| 81 % | van de Vlamingen.[1] |
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 10
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -er in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Scheepvaart in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 88 %
- Prevalentie Vlaanderen 81 %