roeptoeter

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • roep·toe·ter
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord roeptoeter roeptoeters
verkleinwoord roeptoetertje roeptoetertjes

Zelfstandig naamwoord

roeptoeter m

  1. (schertsend) megafoon
  2. iemand die er lustig en druk op los praat met de bedoeling anderen te overtreffen, zonder al te zeer te worden geremd door vakkennis, waarbij de kwaliteit van de mededelingen ondergeschikt is aan het volume
Vertalingen


Meer informatie

Verwijzingen

Gangbaarheid