protestmars

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pro·test·mars
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord protestmars protestmarsen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

protestmars v/m

  1. betoging, demonstratie, optocht van groep lopende mensen die ergens tegen is.
    • Een groep van rond de honderd mensen is zaterdag begonnen aan een zevendaagse protestmars van Ferguson naar Jefferson City, de hoofdstad van de staat Missouri. Ze lopen de route van bijna 200 kilometer uit protest tegen het doodschieten van een ongewapende zwarte jongen door een blanke politieman. [1] 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen