prol
Uiterlijk
- prol
- [A] (verkorting) van proleet [1][2]
- [B] mogelijk verwijzing klanknabootsing naar een week allegaartje dat een pruttelend geluid maakt, verwant aan prul, prut, pruttelen en prutsen [3][4]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | prol | prollen |
| verkleinwoord |
de prol m
- (pejoratief) iemand van lage komaf die zich onbeschoft gedraagt
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | prol | |
| verkleinwoord |
- Het woord prol staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "prol" herkend door:
| 18 % | van de Nederlanders; |
| 15 % | van de Vlamingen.[6] |
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ prol (proleet) op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ prol (brij) op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Weblink bron “Rembrandts eten” (06 jun. 2013), De Telegraaf - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 4
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 1 lettergreep in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Verkorting in het Nederlands
- Klanknabootsing in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Pejoratief in het Nederlands
- Voeding in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 18 %
- Prevalentie Vlaanderen 15 %