profondeur
Uiterlijk
- Geluid: profondeur (hulp, bestand)
- IPA: /pʁɔ.fɔ̃.dœʁ/
| enkelvoud | meervoud | ||
|---|---|---|---|
| zonder lidwoord | met lidwoord | zonder lidwoord | met lidwoord |
| profondeur | la profondeur | profondeurs | les profondeurs |
profondeur v
- dieptemaat, diepte, van hoog naar laag gerekend, de diepte van een gat, afgrond, holte etc.
- hoogtemaat, hoogte, van laag naar hoog gerekend, bijv. een waterhoogte
- (figuurlijk) diepgang, diepzinnigheid, van gedachtegang etc.
- ↑ profondeur (Etymologie) in: Le Trésor de la Langue Française informatisé (1971-1994)
op de website cnrtl.fr
.