diepgang

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • diep·gang
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord diepgang
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

diepgang m

  1. (scheepvaart) hoe diep een schip onder water steekt
    • Een zeilboot heeft vaak meer diepgang dan een motorboot 
  2. inhoud, niveau, kwaliteit
    • De film was leuk om te zien maar had bedroevend weinig diepgang. 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be