diepgang

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • diep·gang
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord diepgang
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

diepgang m

  1. (scheepvaart) hoe diep een schip onder water steekt
    • Een zeilboot heeft vaak meer diepgang dan een motorboot 
  2. inhoud, niveau, kwaliteit
    • De film was leuk om te zien maar had bedroevend weinig diepgang. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie