diepte

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • diep·te
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord diepte diepten
dieptes
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

diepte v

  1. de mate waarin iets diep is
    De diepte van dat zwembad is twee meter.
  2. bijzonder laag gelegen plaats, gewoonlijk onder de waterspiegel
    De reuzenpijlinktvis is een bewoner van de diepten van de oceaan.
    Toen we boven op de berg waren zagen we het dorpje in de diepte liggen.
Antoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl

Meer informatie