Naar inhoud springen

proeven

Uit WikiWoordenboek
  • proe·ven
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘keuren door te eten’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1200 [1]
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
proeven
proefde
geproefd
zwak -d volledig

proeven

  1. overgankelijk onderzoeken hoe iets smaakt
     Dankbaar pakte ik het aan en nam voorzichtig een hap om te proeven hoe het smaakte.[2]
     Ze had ingestemd met Nella's idee om Maakvrede uit te nodigen de suiker te komen proeven en voor te stellen de partij volledig binnen de grenzen van de republiek te verkopen, een vluggere verkoop aan klanten die erom zitten te springen.[3]
  2. overgankelijk smaak waarnemen
     In het alleen-zijn had ik aan iets geproefd dat ik nog nooit eerder had ervaren en dat ik graag een plek wilde geven in mijn leven.[2]

deproevenmv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord proef
100 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[4]
  1. "proeven" in:
    Sijs, Nicoline van der
    , Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org
    ; ISBN 90 204 2045 3
  2. 1 2
    Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  3. Jessie Burton vert. Mieke Trouw-Luyckx
    “Het huis aan de gouden bocht” (2014), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789021809526
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be