pistool

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pis·tool
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord pistool pistolen
verkleinwoord pistooltje pistooltjes

Zelfstandig naamwoord

pistool o

  1. een semi-automatisch handvuurwapen met een langwerpig magazijn in het handvat
    • Het pistool werd later in een tuin teruggevonden. 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen