waterpistool

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wa·ter·pis·tool
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord waterpistool waterpistolen
verkleinwoord waterpistooltje waterpistooltjes

Zelfstandig naamwoord

waterpistool o

  1. (spel) pistool waaruit een straal water kan spuiten
    • Ze moeten waterpistolen gehad hebben. Je kent ze toch? Even richten, pssssst en weg is je kleur.' [1] 
Hyperoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Herzen, Frank De zoon van de woordbouwer 1970 ISBN 9062805450 pagina 89