pikorde

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pik·or·de
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord pikorde pikordes
pikorden
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

pikorde v / m

  1. (dierkunde) hiërarchie bij kippen die bepaald welke kip wie mag 'pikken'. De Hoogste Kip (alfa-kip) mag alle kippen pikken, de laagste mag door alle gepikt worden.
  2. (sociologie) dezelfde op macht gebaseerde hiërarchie bij mensen en andere apen die echter vaak aanleiding geeft tot aanzienlijk ernstiger repercussies dan het pikken van de kippen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
86 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be