online

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·line
stellend
onverbogen online
verbogen online

Bijvoeglijk naamwoord

online

  1. (informatica) in verbintenis met het internet
    • Hij was een tijdje online geweest. 
    • Daarvan bestaat ook een online versie. 
     Hij zat vol met spullen, die ik thuis online had gekocht bij Bergfreunde, om me te beschermen in de hoge bergen.[1]
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Bijwoord

online

  1. (informatica) in verbintenis met het internet
    • Je kunt online woorden opzoeken bij WikiWoordenboek. 
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be