offline

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • off·line
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels.
stellend
onverbogen offline
verbogen

Bijvoeglijk naamwoord

offline

  1. niet met het computernetwerk verbonden zijnde, niet met het internet verbonden zijnde.
    • In de rimboe kun je het beste werken met een offline navigatie-app. 
Antoniemen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie