niettegenstaande

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • niet·te·gen·staan·de
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘voorzetsel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1484 [1]
  • In de betekenis van ‘onderschikkend voegwoord’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1470 [1]

Voorzetsel

niettegenstaande

  1. duidt een conditie aan ondanks dewelke iets plaatsvindt
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

91 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.

Verwijzingen