maffer

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • maf·fer
Woordherkomst en -opbouw

Bijvoeglijk naamwoord

maffer

  1. onverbogen vorm van de vergrotende trap van maf

Gangbaarheid

82 % van de Nederlanders;
78 % van de Vlamingen.

Verwijzingen