levenswijze

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • le·vens·wij·ze
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord levenswijze levenswijzen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

levenswijze v/m

  1. de manier waarop iemand zijn/haar leven leeft
    • De levenswijze van Noord-Europese mensen verschilt wel wat van die van Zuid-Europese mensen. 
     Mijn vrouw had vroeger een abonnement op de Vrekkenkrant (een tijdschrift dat een eenvoudige en zuinige levenswijze wilde promoten.[1]

Bijvoeglijk naamwoord

levenswijze

  1. verbogen vorm van de stellende trap van levenswijs

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be