leesboek

Uit WikiWoordenboek

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lees·boek
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord leesboek leesboeken
verkleinwoord leesboekje leesboekjes

Zelfstandig naamwoord

leesboek o

  1. een boek met teksten, meestal om kinderen te leren lezen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be