klucht

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • klucht
Woordherkomst en -opbouw
  • Komt uit een Zuidoost-Nederlands dialect waar het koppel, troep of kudde betekent. Dit woord is vermoedelijk afgeleid van het 16e-eeuwse kluft, wat menigte betekent. Volgens anderen is het woord ‘klucht’ verwant met ‘klieven’ en betekent het: ‘stuk’).
enkelvoud meervoud
naamwoord klucht kluchten
verkleinwoord kluchtje kluchtjes

Zelfstandig naamwoord

klucht v/m

  1. een kort toneelstukje waarin een komisch geval uit het dagelijks leven wordt behandeld
  2. een groep samenlevende dieren zoals een troep vogels, met name een ouderpaar met broedsel
    • Een klucht patrijzen had zich daar gevestigd. 
  3. een lachwekkend voorval
Vertalingen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie