karton

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kar·ton
Woordherkomst en -opbouw
1. enkelvoud meervoud
naamwoord karton -
verkleinwoord - -
2. enkelvoud meervoud
naamwoord karton kartons
kartonnen
verkleinwoord kartonnetje kartonnetjes

Zelfstandig naamwoord

karton o

  1. dik, uit enige lagen bestaand bordpapier
    • Karton kan niet goed tegen water. 
  2. bordpapieren verpakking
    • Het karton werd met een cutter opengesneden. 
Synoniemen
  1. bordpapier
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen