jongere

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • jon·ge·re
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord jongere jongeren
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

jongere m

  1. een persoon van jeugdige leeftijd
    • De jongeren wisten, ondanks de grondige controle, alcohol te kopen. 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Bijvoeglijk naamwoord

jongere

  1. verbogen vorm van de vergrotende trap van jong
    • De jongere medewerkers hadden daar niet zo'n probleem mee. 
Afgeleide begrippen


Verwijzingen