jongeheer

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • jon·ge·heer
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord jongeheer jongeheren
verkleinwoord jongeheertje jongeheertjes

Zelfstandig naamwoord

jongeheer m

  1. (formeel) een jong persoon van het mannelijk geslacht
  2. (platvloers) mannelijk geslachtsorgaan, penis
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.