inzet

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·zet
enkelvoud meervoud
naamwoord inzet inzetten
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

inzet m

  1. (spel) wat men aan het risico van het spel blootstelt
  2. de mate waarin men zich aan een bepaald doel wijdt
Vertalingen
Onderstaande vertalingen dienen nagekeken te worden en omgezet in de bovenstaande tabellen. Nummers na de vertalingen komen niet noodzakelijk overeen met de opgegeven definities. Voor meer uitleg zie WikiWoordenboek:Hoe vertalingen nakijken.

Werkwoord

vervoeging van
inzetten

inzet

  1. (bijzin) enkelvoud tegenwoordige tijd van inzetten