invloed

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·vloed
Vaste voorzetsels
  • invloed hebben op
enkelvoud meervoud
naamwoord invloed invloeden
verkleinwoord invloedje invloedjes

Zelfstandig naamwoord

invloed m

  1. inwerking van een persoon, zaak of omstandigheid op een andere
    Dit schilderwerk vertoont impressionistische invloeden.
  2. het vermogen om op anderen in te werken
    Als hoge ambtenaar heeft hij een grote invloed.
Afgeleide begrippen
Vertalingen